Acrylverf Dit verftype is ontwikkeld in het midden van de 20e eeuw. Acryl is een soort synthetische hars op basis van polymeerkleuren. De verf wordt gemaakt door pigmenten in een acrylemulsie te mengen. De kunstenaar kan de verf verdunnen met water, maar wanneer de verf droogt verbinden de harsdeeltjes zich tot een stevig, flexibel, rubberachtig vlies dat geen water meer doorlaat. Acrylverf is geliefd omdat hij snel droogt, waardoor de kunstenaar bijna meteen over een net aangebrachte laag kan schilderen. Hoewel acrylverf lastiger te manipuleren is dan olieverf en waterverf, kan de kunstenaar een mat, halfmat of glanzend resultaat bereiken door de verf met de juiste media te mengen. Olieverf Sinds de 16e eeuw is olieverf op doek een van de meest toegepaste technieken. Olieverf is een langzaam drogende verf die wordt gemaakt door pigmenten te mengen met olie; oorspronkelijk werd lijnzaadolie gebruikt. Olieverf is meestal dekkend. Omdat de verf heel langzaam droogt, is het mogelijk kleuren en nuances geleidelijk in elkaar te laten vloeien. Bij het schilderen met olieverf kan de kunstenaar gemakkelijk wijzigingen aanbrengen. Door het flexibele karakter is het bijvoorbeeld mogelijk een heel glad doek te schilderen, of de verf in dikke lagen op te brengen zodat een pasteus schilderij ontstaat. Waterverf Water- of aquarelverf is een transparante verf op waterbasis. De techniek is gebaseerd op een glaceersysteem waarbij de verf in doorzichtige lagen direct op het papier wordt aangebracht. Het wit van het papier speelt een grote rol omdat deze kleur het licht weerkaatst, wat een lumineus effect geeft. Ook het gewicht en de textuur van het papier zijn van invloed op het effect. Gouache Gouache is een dekkende waterverf met een dikkere substantie dan transparante aquarelverf; gouache vormt een laag die op het papier ligt. Gouache wordt het meest toegepast bij gebruik van verzadigde of sterk contrasterende kleuren. Inkt was voordat het in Europa in gebruik kwam al vele eeuwen bekend bij de oude Chinezen en Egyptenaren. Er bestonden verschillende soorten inkt: Chinese of Oost-Indische inkt, bister inkt, ijzergal inkt etc. Moderne inkt wordt in vloeibare vorm verkocht, zowel wateroplosbaar als watervast. De eerste vorm is geschikt voor fijne lijnen en subtiele effecten. Gekleurde inkt kan op nat papier worden aangebracht om prachtige uitwaaierende effecten te creëren. Potlood / Houtskool / Krijt Gewone potloden zijn gemaakt van grafiet gemengd met klei; hoe minder klei, hoe zachter. Potlood geeft een zilverachtig effect en is geschikt voor fijne, gedetailleerde tekeningen. Houtskool is door zijn kruimelige karakter geschikt voor vloeiende lijnen en schaduwen. De hoeveelheid tonen, van lichtgrijs tot diepzwart, is eindeloos. Een bijzondere eigenschap van houtskool is dat het een rijk, fluwelig effect kan geven. Omdat het makkelijk weg te vagen is, wordt houtskool veel gebruikt om te schetsen. Het nadeel van houtskool is dat het snel vlekt en makkelijk breekt. Krijt wordt gemaakt door pigmenten te samen te voegen met een vettig bindmiddel. Krijt wordt in verschillende samenstellingen en kleuren geproduceerd. Het materiaal kan een glanzend, rijk, dekkend effect geven. In tegenstelling tot houtskool kruimelt krijt niet en is het lastiger uit te vegen. Pastel Pastelkrijt wordt gemaakt door pigmenten samen te voegen met een niet vettig bindmiddel. Pastels geven een mat, dekkend effect. De krijtjes worden verkocht in drie gradaties: zacht, medium en hard. Zachte pastels worden het meest gebruikt omdat ze het makkelijkst hanteerbaar zijn. Pasteltekeningen zijn geliefd om de gevarieerde effecten die met dit materiaal mogelijk zijn: dun of dik, fijn of fluweelachtig rijk, glad of pasteus.